Toen ik drie jaar geleden zwanger was van mijn eerste kindje keek ik niet uit naar de bevalling. Ik hield me vooral bezig met hoe ik mezelf zo makkelijk mogelijk door die ervaring kon loodsen: Ik wilde bevallen in het ziekenhuis en ik had uitgezocht welk ziekenhuis altijd een gynaecoloog aanwezig had voor de ruggenprik. Ook had ik een handige zwangerschapscursus gevolgd, dus ik wist precies wat me te wachten stond. Borstvoeding was ook één van de onderwerpen van de cursus. Ik vond het behoorlijk irritant dat borstvoeding steeds zo werd opgehemeld, zonder dat iemand kon vertellen wat er nou zo bijzonder aan was. Ik wilde het best proberen, maar als het niet leuk meer was dan vond ik de fles ook goed genoeg.

Ongeveer anderhalve week na de uitgerekende datum werd ik ’s nachts ontzettend ziek. Ik hield niets binnen en ik deed geen oog dicht. Ik hoopte dat het een voorteken was van de naderende bevalling, want ik voelde me onderhand een aangespoelde walvis. Ik was wel klaar met de zwangerschap. Nog flink misselijk ging ik de ochtend erna naar het ziekenhuis om te bespreken hoe nu verder. Ik kreeg een slaappil mee zodat ik de dag erna goed uitgerust zou zijn voor een inleiding, want ik had niet zo veel vruchtwater meer. Aan de ene kant vond ik het fijn dat het niet lang meer ging duren, maar aan de andere kant begon ik hem ook wel een beetje te knijpen. Inleiden kon hele pijnlijke weeën opleveren, had ik gehoord. Ik hoopte dat de bevalling voor de inleiding al op gang zou komen.

’s Middags dook ik nog een paar uurtjes mijn bed in, tot ik wakker werd van pijnlijke harde buiken. Ik was zo moe dat ik tussentijds steeds weer in slaap viel, tot de pijn de overhand begon te nemen en ik doorkreeg dat het weeën waren. Eindelijk!
Een tijdje later ging ik naar de wc en zag ik dat mijn vliezen gebroken waren. Het water was groen. Ik wist niet precies wat dat voor mij of de baby zou kunnen betekenen, maar wel dat ik nu een medische indicatie had. We hoefden dus niet meer te wachten. We mochten gelijk naar het ziekenhuis. Eenmaal daar was ik heel tevreden met mijn mooie geboortesuite. Alles werd goed gemonitord, dus ik maakte me nergens zorgen over.

Tot ik werd meegesleurd in een stroomversnelling van medische handelingen. De ontsluiting vorderde niet en met de gedachte dat het nog wel even zou duren wilde ik wel een ruggenprik. Direct erna werden weeënopwekkers gegeven, maar daar voelde ik niets van. De hectiek leek weer even te verdwijnen. Tot ik het nieuws kreeg dat de baby het benauwd had en ik een keizersnede kreeg. Daar had ik niet op gerekend, met al mijn voorbereiding. Toch was wederom het idee dat de baby er dan snel zou zijn een fijn idee.
De keizersnede verliep voorspoedig en ik was blij dat de geboorte achter de rug was. Nu kon het genieten beginnen, want onze kleine man was geboren!

Helaas volgde teleurstelling na teleurstelling. Kort na de geboorte moesten mijn man en de baby terug naar de afdeling, terwijl ik gehecht werd en tussen allemaal slapende mensen moest wachten op de uitslaapkamer. Ik voelde me zo alleen en helemaal geen gelukkige nieuwe moeder. Eenmaal herenigd met mijn baby wilde ik graag proberen hem aan de borst te laten drinken, maar dat ging ook niet zo makkelijk.
Ook gedurende de dagen die volgden ging borstvoeding me niet zo goed af als ik had gehoopt. Het deed pijn, ik wist niet wat ik aan het doen was en tot overmaat van ramp leek het ook niet genoeg te zijn, want mijn baby groeide niet genoeg. Ik moest hem bijvoeden  met kunstvoeding en dat betekende dat ik naast alle pijnlijke borstvoedingspogingen ook nog eens elke voeding moest gaan kolven. Mijn kraamweek werd één grote borstvoedingspoging. Ik moest elke drie uur oxytocine sprayen, borstvoeden, bijvoeden en kolven, terwijl ik nog steeds verging van de pijn. Alles draaide om die borstvoeding. Intussen hield ik me groot en stuurde ik mijn man weer aan het werk. In mijn eentje zag ik de klok telkens doortikken naar het volgende voedingsmoment. Ik kreeg al buikpijn van gedachte aan de scherpe pijn tijdens het voeden. De één na de ander stelde voor er toch mee te stoppen, want dit ging toch niet. Ik kon zelf ook niet anders dan tot die conclusie komen. Had ik mezelf niet tot doel gesteld borstvoeding te geven zolang het leuk was? Na een telefoontje met de lactatiekundige wist ik hoe ik moest stoppen. Een kleine week later was de melk weg.

Was dit nou hoe ik de geboorte en de eerste periode met mijn baby voor ogen had gehad? Ik had maar acht uurtjes weeën ervaren en de rest van de tijd had ik pijnloos doorgebracht. Dat klinkt als een vrij makkelijke bevalling. Check. Ik heb geprobeerd borstvoeding te geven en ik ben gestopt toen ik het niet meer leuk vond. Precies zoals ik met mezelf had afgesproken. Check. Niets te klagen.

Toch knaagde er iets… Het knagende gevoel werd steeds pijnlijker en het gat dat ontstond steeds dieper en donkerder. Was dit wel wat ik wilde?

Als ik mijn eigen kind niet zelf kan baren, ben ik dan wel een goede vrouw?
Als ik mijn eigen kind niet zelf kan voeden, ben ik dan wel een goede moeder?
Als iemand anders al die dingen voor mij kan doen, waar heeft mijn kind mij dan nog voor nodig? Mag ik dan nog wel zijn moeder zijn?

(deel 2 volgt volgende week)

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here